Overstappen op Linux
Waar moet je op letten?
Deel 3
Door Roeland Kok
Vrijgegeven onder de GFDL.
Stap 3: De installatie
De installatie van Linux verschilt per distributie. Meestal moet je een aantal vragen beantwoorden over de schijf-indeling, de Internet- en netwerkconfiguratie en welke software je wilt installeren. Let goed op wat er op het scherm staat en klik niet zomaar venstertjes weg. Lees alles aandachtig en probeer te begrijpen wat er staat. Hierbij komt de verzamelde informatie en de bijgeleverde handboeken goed van pas.
Meestal levert een installatie weinig tot geen problemen op. Waar je wel goed op moet letten in het geval van dual-booten, is dat je niet zomaar Linux over je Windows-partitie heen installeert. Vooral SuSE is goed in Linux installeren naast Windows. Deze distributie kan namelijk op eigen houtje de Windows partitie verkleinen. Het beste is natuurlijk vooraf rekening te houden met deze ruimte (zie stap 2), dat zou je ook doen als je nog een tweede Windows versie op je PC zou plaatsen.
Vaak biedt de installatie een goede eerste hardware-herkenning. Veel apparaten worden dan netjes herkend (zoals de netwerkkaart en de geluidskaart). Andere apparaten, zoals de scanner en printer, moeten soms achteraf nog herkend worden. Veel distributies leveren hiervoor eigen tools mee.
Tijdens de installatie wordt ook de mogelijkheid geboden om een of meerdere gebruikers aan te maken. Maak in elk geval een aan voor jezelf, zodat je gelijk aan de slag kunt na installatie. Ook wordt een wachtwoord gevraagd voor de root-gebruiker. Deze heb je later nodig voor de installatie van nieuwe software en de configuratie van je systeem. Gebruik de root-gebruiker niet voor het dagelijks werk, deze heeft namelijk alle rechten, waaronder het recht om het hele systeem in de soep te gooien.
Is de installatie gelukt? Gefeliciteerd! Welkom in Linux. Is de installatie niet gelukt? Probeer het gewoon nog een keer. Vaak kijk je een tweede keer net even anders tegen de installatie aan dan de eerste keer.
Stap 4: Bekend raken met het systeem
Zodra je Linux up-and-running hebt is het zaak om gewend te raken aan Linux en de werkomgeving en je de structuur van de schijf eigen te maken. Probeer rustig alle programma's uit (denk er aan: niet als root-gebruiker, maar alleen met je eigen gebruikersnaam inloggen voor de veiligheid) en kijk hoe het systeem reageert op dingen die je doet.
Linux werkt op veel gebieden net even anders dan Windows of MacOS. Dit is een kwestie van gewenning. Knoppen zitten op een andere plaats, de logica is soms verschillend aan die van andere systemen, maar zodra je je weg een beetje kunt vinden, zul je merken dat het allemaal heel logisch en gebruiksvriendelijk is opgezet.
Je moet vooral niet bang zijn om dingen te proberen. Ook zul je soms je ideeen over werken met de computer een beetje moeten aanpassen, maar dat is juist goed om een beter beeld te krijgen van hoe alles werkt.
Als je de software bekeken hebt, moet je op zoek gaan naar de applicaties die je nodig hebt. Je moet een e-mail programma vinden waarmee je voortaan je mail wilt ontvangen, een webbrowser die bij je past en noem maar op. Al deze software is bijgeleverd, maar het leuke is dat je niks wordt opgedrongen. Je kunt vaak kiezen uit verschillende programma's die hetzelfde doen. Aan jou dus de keus welke van de programma's het beste bij jou past. Ook hierbij geldt weer: vragen kun je altijd op verschillende plaatsen op het Internet stellen.
Deel 3